In een interview in de Delft op Zondag noemt Jan Peter de Wit (Leefbaar Delft) alle Delftse raadsleden zakkenvullers. Eerder gebruikte hij soortgelijke woorden rond een mogelijke parkeervergoeding voor gemeenteraadsleden.
Hij doet daarmee de kloof tussen burger en politiek geen goed doet - terwijl hij juist het omgekeerde zegt te willen bereiken. En van zakkenvullerij is helemaal geen sprake.
Feit is dat de vergoedingen bij veel raadsleden grotendeels opgaan aan allerlei extra kosten die het raadslidmaatschap met zich meebrengt. Zeker doordat veel raadsleden er nog een baan op nahouden - en dat is ook juist de bedoeling.
Ten eerste maak je als politicus extra kosten tijdens debatten, congressen, werkbezoeken en overleggen. En tussen werken en vergaderen in het stadhuis zit geregeld zo weinig tijd dat een snelle hap in een restaurant de enige oplossing is. Je zult toch wat moeten eten en drinken. Daarnaast bel je meer, print je meer, reis je meer en parkeer je meer. Al met al kost dit mij zeker zo'n €200 per maand extra.
Ten tweede kost het raadslidmaatschap veel tijd. Als je als raadslid nog een priveleven wilt overhouden, zijn een hulp in de huishouding en een dag korter werken wel nodig. Zo'n hulp kost zo'n €100 per maand. Bij een netto salaris van - stel - €2000 is de netto vergoeding zo'n €1000 en kost een dag minder werken €400.
Dat je in dat geval nog wat aan het raadswerk overhoudt is wel op zijn plaats als je kijkt naar het aantal vrije avonden dat daarnaast nog in het raadswerk gaat zitten. Dat is absoluut geen zakkenvullerij.
Overigens staat het staat de heer De Wit natuurlijk geheel vrij om zijn vergoeding terug te storten naar de gemeente.